
Trektocht Tenerife (Canarische Eilanden)
7 december 2001 tot 17 december 2001
door Margriet, margriet@nkbv.bergsport.com
vrijdag 07 december 2001.
Na een zeer korte nacht wegens het 's avonds thuis vakantie vieren, gaat om 5.30u de wekker, om 6.10u de taxi, om 6.31u de trein en om 8.35u het vliegtuig naar Madrid. In Madrid kunnen we meteen doorhobbelen naar het volgende vliegtuig, waarbij ik me afvraag hoe ze die bagage zo snel om kunnen pakken. Twee vliegtuigen is twee keer eten en zeer tegen mijn gebruik heb ik ook echt trek in eten. Een hazenslaapje en precies op tijd weer wakker om de eerste blikken op de Canarische eilanden te werpen vanachter het vliegtuigraampje, Gran Canaria recht onder me en verderop de Teide zonder sneeuw. Ook deze landing gaat erg soepel, in een mum van tijd staan we bij de bagageband te wachten op onze rugzakken. De band is nog leeg met uitzondering van een groot pak luiers, maar tegen de tijd dat we een hele hoop (hut)koffers voorbij hebben zien komen en de Huggies talloze malen, heeft het midden van de band nog steeds onze rugzakken niet uitgespuugd. Meerdere mensen hebben zich reeds bij het Iberia loket verzameld en ze blijken alle uit Amsterdam te komen, behalve een zenuwachtige Duitser die liever voor ons dan na ons wil en voortdurend probeert zijn karretje voor mijn voeten te rijden. Het karretje is al behoorlijk vol en we vragen ons af wat hij kwijt kan zijn. Aangezien hij iedereen aanspreekt die voorbij komt om z'n verhaal te halen, zijn we er gauw achter dat de handbagage van zijn vrouw te groot werd geacht om mee te nemen naar het passagiersgedeelte in vliegtuig, het moest in het onderruim en nu is het vliegtuig al weer weg met de handbagage nog steeds in het onderruim.
Met een paar drukken op de knoppen van het toetsenbord kan het Iberiameisje ons vertellen dat onze zakken met de volgende vlucht komen. Ze wil ze opsturen naar ons hotel, maar dat zit in de rugzak. Het meisje is wat verontwaardigd dat we geen hotel geboekt hebben, in dat geval mogen we ze om 17.20u komen ophalen. Pff.. twee uur wachten, en alles ging zo voorspoedig. Gelukkig is het prachtig weer, we rommelen buiten wat, spotten vliegtuigen en drinken binnen een biertje. Als we ons keurig op tijd aan de balie melden, zien we de zakken al op de betreffende band liggen. Ze zijn in ieder geval niet per ongeluk doorgevlogen naar Mexico of iets dergelijks, dan waren we verder van huis geweest. De bus naar Santa Cruz staat al klaar voor het terminalgebouw, waarna we een uur lang uitzicht hebben op de wat minder mooie zuidkant van Tenerife. In Santa Cruz, de huidige hoofdstad van Tenerife, kunnen we de bus naar (San Christobal de) la Laguna, de voormalige hoofdstad van Tenerife, niet vinden. We zijn een beetje flauw, dus duiken we snel een taxi in. Het is vakantie, maar het eerste wat de taxichauffeur aanwijst is het nieuwe Auditoria de Tenerife (schouwburg) in aanbouw.
Het nieuwe Auditoria de Tenerife
Zeer indrukwekkende vormen, die doen denken aan het Opera House wat Jørn Utzon ooit voor Sydney heeft ontworpen, verrijzen langs de kust. Nu al heb ik een eerste reden om nog eens terug te keren naar Tenerife. Verder is Santa Cruz veel groter en drukker dan we in gedachten hadden. De bebouwde omgeving gaat zonder meer over in La Laguna, waar we afgezet worden voor een groot ** hotel. We besluiten eerst wat rond te wandelen en een biertje te drinken. Het hotel blijkt ook wel erg duur, dus vragen we de ober van het kleine, maar zeer in trek zijnde cafeetje of hij wat voor ons weet. Andere gasten geven direct raad (echt spaans, die positieve bemoeienissen), een taxi wordt besteld en we worden gedropt bij Pension Berlin met een Duits sprekende eigenaar. We eten en drinken nog wat en vragen of we een tas achter mogen laten om die maandag weer op te pikken. Nadat we uitgelegd hebben wat onze plannen zijn is dat geen probleem, het verhaal eromheen is echter wat omslachtig. Vermoeid duiken we onze eenvoudige eenpersoonsbedjes in die ons de eerste heerlijke nachtrust van deze vakantie bezorgen.
zaterdag 08 december 2001.
Om 08.00u gaat de wekker en 45 minuten later staan we nog naast het bed ook. Spulletjes uitzoeken, overtollig voer in de flightbag en weg zijn we. Sigaretten voor mij en gasoline voor de brander (geweldige combinatie) gekocht en in de bus naar Santa Cruz. Deze stopt inderdaad niet op het hele grote busstation, maar 100 meter verderop. Omdat het zaterdag is, gaat de bus naar Igueste (de San Andres) pas om 12.30u. We hebben voldoende gelegenheid voor koffie en een broodje, welke naar Spaans gebruik geweldig lekker zijn, in de pompeuze hal van het busstation.
De weg naar Igueste voert langs de kust, waarvan het landschap steeds aantrekkelijker wordt. Om 13.30u staan we met de rugzakken op onze rug gereed voor vertrek. Helaas eerst een stuk asfalt wat echt niet te ontwijken valt. Het land eromheen is ruig en ziet er niet struinbaar uit. Het oude paadje wat we daarna inslaan (keurig met een bordje aangegeven) is echt prachtig. Oude ingelegde stenen afgewisseld met vulkaangesteente, tussen de cactussen, wolfsmelkstruiken en yuka's door.
Een land van wolfsmelkstruiken en yucca's
Het is bewolkt, maar het zonnetje komt er af en toe licht doorheen. Het is warm genoeg en het zweet drupt in mijn ogen, mijn wenkbrauwen en wimpers functioneren in dat opzicht niet naar behoren. We stoppen al gauw voor het eerste zelfgemaakte kopje espressokoffie met een Arabisch koffiezetapparaatje. Een qua gewicht wat zwaardere equivalent van oploskoffie, wat we inmiddels niet meer lusten. En de korte broek gaat aan. Hoger en hoger klimmen we, het hellingspercentage van het pad is goed te doen, maar het blijft stijgen. Hoe hoger we komen, hoe mooier de terugblik op Igueste en hoe woester het landschap het landschap om ons heen.
Terugblik op Igueste de San Andres, het plaatsje aan de kust waar we vandaan komen
Op de kam aangekomen, hebben we tevens uitzicht op de oostkust van het eiland. De grote rode mieren komen direct in actie en bestormen mijn neergelegde rugzak, verplaatsen helpt niet en na een beet vind ik het welletjes. Het pad voert ons langs een verlaten en vervallen gehuchtje, omhoog, omlaag en weer omhoog met uitzicht op een oude grotwoning, waarschijnlijk van de Guanchen, de eerste bewoners van de Canarische eilanden. De struiken worden voorzichtig bos en voor we het weten zijn we bij de volgende asfaltweg. We hebben nog steeds geen water gezien, dus ligt het voor de hand om af te koersen op de 'R' die op de kaart staat aangegeven. Langs de asfaltweg loopt een mooi en spekglad paadje, er is zowaar een stroompje water, het is echter te steil en te dichtgegroeid om een tent op te zetten. Aan de voet van de Chinobre (910m) kunnen we kiezen of we er met een smal paadje overheen geleid willen worden, of dat we over het asfalt zo snel mogelijk bij de 'R' kunnen komen. Gezien het tijdstip en het snelle donker worden kiezen we toch maar voor het laatste. De 'R', die staat voor zona recreativa, voor ons van toepassing op het hele natuurgebied van Tenerife, blijkt wederom (zie verhaal La Palma) een heuse picknick- annex barbecueplaats mét water. De tafeltjes met bankjes staan een stuk lager dan de weg, de officiële tentplaats ligt er echter vlak langs, bovendien zijn daar al twee mensen aanwezig. Tussen de tafeltjes wordt de grond niet voldoende vlak bevonden, bij het laatste daglicht klimmen we over het hek voor het opzetten van de tent. Gezeten bij een tafeltje, erg luxe voor wildkamperen, verorberen we groentesoep en pasta pesto. De aanhoudende regendruppels dwingen ons naar de tent voor koffie en thee. Iets later zitten we toch weer buiten met onze rug tegen prachtige bomen die niet op de foto willen omdat de flitser niet meer flitst. De op Schiphol vergaarde plastic Jamesonfles wordt uit de rugzak opgeduikeld voor het slaapmutsje.
zondag 09 december 2001.
7.30u opstaan. Redelijk op ons gemakje maken we respectievelijk koffie, warme muesli en thee. Tijdens de thee beginnen we reeds met spulletjes pakken, toch staan we pas om 9.30u boven aan de weg. Dit betekent dat we twee uur doen over wakker worden, eten en inpakken. Best lang. Liever ga ik vroeg weg om op een mooi plekje een uur in de zon te bakken. Een klein stukje asfalt scheidt ons van een onverhard, straf omhoog lopend paadje. Slingerend tussen rotspartijen door, langs met mos behangen slingerbomen hebben we schitterende doorkijkjes op afwisselend de noordkust en het Anaga gebergte.
Doorkijkjes op de noordkust
Het zonnetje schijnt volop, wat de tocht nog mooier maakt. Jammer genoeg komt het paadje weer uit op het asfalt, wat met uitzondering van een leuke struinpartij om een haarspeldbocht af te snijden even niet te ontwijken is. Op het punt aangekomen waar een klein paadje ons naar Taganana moet brengen, komen we uit bij een met rotzooi omgeven huisje, zonder het jongetje wat de honden in bedwang houdt en ons dartelend het paadje wijst, hadden we het betreffende paadje nooit gevonden, zo verscholen ligt het in het struikgewas. Over de kam dalen we af naar Taganana, alwaar de Canarische eilanden hun naam eer aan doen.
Over de kam dalen we af naar Taganana, waar de Canarische Eilanden hun naam eer aandoen
De door de Romeinse koning Juba van Mauretanië op poten gezette expeditie zo ergens rond het jaar 30 v. Chr., keerde terug van de Canarische eilanden met twee van de grote honden die ze op het strand aantroffen, derhalve werden de eilanden Hondeneilanden genoemd en canis is Latijs voor hond, Canarische eilanden dus. We worden verwelkomd met oorverdovend hondengeblaf. Het pad komt uit op het land van een eigenaar met zeker 20 honden. Een ouder echtpaar staat driftig te gebaren dat we over hun stukje grond mogen afdalen, aangezien hun buurman daar duidelijk niet van gediend is. Als we het goede pad omhoog, we zijn inderdaad afgedaald om weer te kunnen klimmen, hebben gevonden, wordt het tijd om water op te scharrelen. Na wat omzwervingen stap ik pardoes bij mensen de keuken in. Ze vinden het wel grappig en vullen graag mijn 4-liter waterzak. We verdelen het water en vangen aan met de lange weg omhoog. Bij een splitsing twijfelen we, de kaart laat ons in het ongewis, een steenmannetje wijst naar links, een langsrijdende automobilist stuurt ons naar rechts, wat gezien de richting logisch lijkt. Stom, stom, stom. Uren later zwerven we over geitenpaadjes zoekend naar een doorlopend pad, over in onbruik geraakte akkertjes, benen openhalend aan alles wat scherpe uiteinden heeft en nodeloos stijgend. Hardo's energie begint op te raken en uiteindelijk besluiten we terug te keren. De paadjes zijn mooi, evenals het uitzicht, maar verderop steekt een bergkam het water in die we niet over gaan geraken als er geen paadje loopt.
Prachtig uitzicht maar niet de goede weg
Na nog wat zoekwerk omdat we proberen tussendoor te steken, vinden we het juiste pad. Collega wandelaars zien ons en stiefelen er direct achteraan. Ook zij konden de juiste weg niet gemakkelijk vinden. Hardo komt nog maar met moeite vooruit, hij mag uitrusten terwijl ik op verkenning ga. Bij een hutje vind ik een grote ton met opgevangen hemelwater, zeer helder water en gekookt of met een tabletje zeker bruikbaar. Op de niet meer in gebruik zijnde terrassen vinden we een mooi vlak kampplaatsje uit het zicht. We wassen ons bij de waterton, koken nasi en besteden de rest van de avond aan het kijken naar de grote hoeveelheid sterren en het luisteren naar de geluiden afkomstig van het dorp.
>>> 2 >>>
|
Terug naar de voorpagina van dit Tenerifeverslag. |