Zondag 30 april - wandelen in de besneeuwde Vogezen, over Le Rainkopf, en kamperen bij een refuge
Om 8.45u staan we bepakt en bezakt klaar om op weg te gaan. En hoe! Direct 700m omhoog. Zoals gewoonlijk sprint Carla omhoog met haar ijzeren conditie en tot mijn verbazing huppelt Marianne er in hoog tempo achteraan. Voor Marianne wordt dit haar eerste echte rugzaktrekking en ik maakte me wel enige zorgen over een nieuweling tussen dit groepje rouwdouwers. Zoals het er uitziet, had ik mij die zorgen wel kunnen besparen.
Zelf sleep ik me zwaar zwetend omhoog, alle afvalstoffen van de afgelopen feesten komen naar buiten door poriën die mij tot nu toe onbekend waren. Het zonnetje laat zich van haar beste kant zien en op Le Petit Ventron gaan snel de korte broeken aan (of de lange pijpen uit, maar net hoe je het wilt bekijken).
Landschap nabij de Grand Ventron [foto Ellen]
| De avond tevoren ziet het er somber uit in het plaatsje van aankomst, Kruth. Maar de volgende ochtend schijnt de zon. We sjouwen over het bospad omhoog en boven op de Ventron hebben we dit prachtige uitzicht. [Eerste dag] [tekst Ellen] |
Over de graat en door het prachtig gemengde woud lopen we in noordelijke richting. Af en toe steken we een klein sneeuwveldje over. De witte sneeuw vormt een prachtig contrast met de groene bomen. Op een veldje bij le Grand Ventron hebben we een mooi uitzicht op de omgeving. Kruth en het bijbehorende meer liggen diep verscholen in het dal. Een geweldig koffieplaatsje.
We trekken verder over Col de Bramont. Op Le Rainkopf (geweldig, al die Duitse namen met Franse voorvoegsels) aanschouwen we hoe parapenters gebruik maken van de thermiek. Vlak boven ons hoofd zweven ze door de lucht.
Mariannes eerste kennismaking met sneeuw op wandelschoenen bekomt haar niet zo goed. Sneeuw in de schoenen, natte voeten en uitglijden zijn haar deel als de vermoeidheid parten begint te spelen. Tijdens een afdaling maakt ze een flinke schuiver wat haar een pijnlijke pols oplevert. Gelukkig blijkt de schade mee te vallen.
Omdat we in het bos willen kamperen, vullen we onze waterzakken bij een refuge. Over een halfverhard pad (GR 531) blijven we op gelijke hoogte lopen. Hier zijn we bij lange na niet de enigen die wandelen als prettige vrijetijdsbesteding zien. Half Frankrijk is hier op de been. Bij de parkeerplaats aan eind van het halfverharde pad houden de meeste wandelaars het gelukkig voor gezien, zodat wij een niveautje lager ongestoord kunnen genieten van de zon. Alhoewel, als we goed en wel zitten, verdwijnt de zon achter een grote wolk. Stug volhardend blijven we 1 1/2 uur zitten wachten op de aangename warmte van deze vuurbol. Marianne en Paul doen een dutje.
Goed en wel op zoek naar een geschikte kampplek, moeten we nog even traverseren over een sneeuwveldje. Voor Ellen spannend, want de gevulde 4-liter waterzak zit niet geheel op de juiste plek in haar rugzak en daardoor is de combinatie topzwaar, wat voortbewegen over steile verijsde sneeuw akelig maakt. Achteraan in de rij sta ik te rillen en te klappertanden, ik heb me iets te koud laten worden tijdens onze "zon"pauze.
Bij een dichte refuge zetten we ons neer voor het avondeten. Volgens aanwijzingen is het niet toegestaan om te kamperen, maar zoektochten in de omgeving leveren niets op.
Carla ziet haar kans schoon om niet bij Ellen in de tent te hoeven slapen en spant haar grondzeiltje bij de hut om daar te bivakken.
Trekken door groene nevelwouden [foto Ellen]
| We vinden de eerste dag een mooi kampeerplekje op een verlaten alm. De volgende ochtend dalen we door groene nevelwouden af naar twee meertjes en klimmen we daarna weer omhoog. Bovenstaande foto is tijdens de afdaling gemaakt. [Tweede dag] [tekst Ellen] |
Maandag 1 mei - afdaling in een groene donkere kom met een groot uitgevallen visvijver, of is het toch een meer - naar de Hohneck en over de befaamde Sentier des Roches
Het pad waar we vandaag de wandeling mee willen beginnen is afgesloten, 'danger' vertelt het bord ons. Gezien de steile helling en de resterende sneeuwvelden kunnen we ons daar iets bij voorstellen. We leggen onze avontuurlijk ingestelde karakter even opzij en kiezen het zekere voor het onzekere, via een ander pad dalen we af het dal in. De vegetatie is heel bijzonder: heel groen, veel mos, varens, hoge bomen. In combinatie met het vochtige, warme weer lijkt het geheel op een regenwoud. Bij het meer is de plaatselijke visclub al in actie.
Aan de andere kant van het dal klimmen we omhoog, een smal zig zag paadje leidt ons omhoog tot we boven het bos uitlopen. Tussen de 'le Petit' en de 'echte' Hohneck besluiten we de laatste te laten voor wat het is. Nadat we ons ervan verzekerd hebben dat de aanwezige auberge echt gesloten is, dalen we af op zoek naar een koffieplaatsje uit de wind. Wie zoekt zal vinden, we vinden het mooiste pauzeplekje in de Vogezen. Een grasveldje in een kom met uitzicht op een roedel herten, skiërs, parapenters, wandelaars en rotsklimmers. De Fransen zijn actief bezig. Het is dan ook een feestdag in Frankrijk: dag van de arbeid. Logischerwijze zijn de mensen dan vrij.
We dalen verder af over een rotsachtig paadje, hier en daar ligt sneeuw en af en toe struinen we door het bos om een lastig ogend sneeuwveldje te vermijden. De sneeuw is verraderlijk, glad aan de bovenkant en behoorlijk gesmolten aan de onderzijde. Vlak na Frankental slaan we linksaf om het drukke halfverharde pad te vermijden. Het paadje loopt door een zompig dal. Blijkbaar wordt het pad niet veel belopen, het wordt vager en vager, tot er geen pad meer zichtbaar is. We klauteren over een sneeuwveld en over met mos bedekte rotsblokken. Een klein muisje steekt zijn hoofdje even boven de grond uit om te inspecteren wat zijn slaap verstoort. Als we eindelijk een beloopbaar pad ontdekken, komen we al snel weer uit op de hoofdroute: Sentier des Roches. Een prachtig ruig en rotsachtig pad over en langs steile rotswanden, wat de meest geweldige uitzichten oplevert.
Als het pad omhoog kronkelt en Ellen en ik terugblikken, zien we Marianne in aanvaring met een hond, terwijl deze ons rustig voorbij dartelde, belet hij Marianne een brugje over te steken door vervaarlijk te grommen.
In een restaurantje op Col de la Schlucht smaken de broodjes met Munster kaas geweldig. Even bijtanken voor het tweede gedeelte van het dagtraject, wat zeker voor Paul, de enige mannelijke deelnemer van ons gezelschap, hard nodig. Via de GR 5 lopen we over de graat in noordelijke richting. Het is ontspannen lopen, het pad door de heidevelden blijft op hoogte en aan beide kanten kijken we uit over de omliggende dalen en heuvels van de Vogezen.
Bij het Lac des Truites, waar we onze overnachtingsplaats gepland hebben, is de auberge open. Bier! We kunnen er geen genoeg van krijgen. Als de auberge sluit, slenteren we langzaam weg om geen argwaan te wekken. Tegen de tijd dat we de laatste auto zien vertrekken, duiken we het weiland achter de auberge in. Een mooie plaats voor de tenten. De invloed van alcohol blijft niet onopgemerkt als Ellen een poging doet om een toiletplaats te vinden op een steile gruishelling zonder enige beschutting.
Terwijl wij de tenten opzetten verbouwt Carla het nabijgelegen verlaten huisje tot overnachtingsplaats, een houten deur over enkele boomstammen en klaar is de bivakplaats.
Kamperen in de mist nabij het forellenmeer [foto Ellen]
| Een heerlijk kampeerplekje, daar in de omgeving van het forellenmeer. 's-Avonds is het mooi weer en komt er nog een vogel ons kampje bekijken. De volgende ochtend is er mist. [tekst Ellen] |